foto1

Nieuws

Slotmeeting van de oecumenische conferentie in Rimavská Sobota

Verslag, 5 mei 2019

De toekomst van de oecumenische conferenties

In de herfst van 1989 begonnen de oecumenische conferenties die als doel hadden christenen in west en oost Europa met elkaar in contact te brengen. Vanuit verschillende landen participeerden vertegenwoordigers van kerkelijke gemeenschappen in deze conferenties. De werkgroep STIOC (Stedelijke internationale oecumenische contacten) van de Raad van Kerken Arnhem participeerde in deze conferenties. Om de 2 jaar vonden deze conferenties plaats en van 2 tot 5 mei 2019 was het Diaconaal Centrum van de Reformed Christian Church in Slowakije de gastheer. Op de afgelopen kleinschalige conferentie presenteerden het gastland Slowakije, deelnemers uit Tsjechië, Roemenië, Hongarije en Nederland hun inzichten in de diaconale arbeid. Verder stond op de agenda de vraag hoe wij in de toekomst de contacten tussen kerken en christenen in west en midden Europa kunnen onderhouden nu de vergrijzing van de kerken bij ons in het westen toeneemt.

Hieronder volgt het verslag van de bespreking van dit agendapunt over de toekomst van de oecumenische contacten.

1. Hoe zien we de toekomst?

De vraag komt naar voren wat oorspronkelijk het doel van de conferenties was. We gaan terug naar het verleden. Ida Eldering zegt dat 30 jaar geleden en al eerder er initiatieven waren van de Nederlandse organisaties IKV en Pax Christi om in kerkelijk verband contacten te leggen tussen oost en west Europa. Het ging om ruimte te creëren voor ontmoetingen, maar ook om gaten te schieten in het ijzeren gordijn. Verder was het belangrijk om mensen in hun eigen situatie te ontmoeten. Men logeerde bij andere gezinnen, zo ontmoette men mensen in de familiesfeer en was er op verschillende lagen contact (kerkelijke gemeenschappen, oecumene, ontmoetingen op lokaal niveau). Maar we zien veranderingen. De politieke situatie verandert. De tijd van de snelle verandering rond 1989 is nu voorbij. Verder: Bij eerdere conferenties waren er een groot aantal participanten, soms rond de 30. De laatste jaren zien we een vermindering. En wij worden nu ouder. Het is soms lastig om andere kerkleden er bij te betrekken. Er zijn nog andere oorzaken voor de verandering. Er zijn andere platforms bij gekomen, die bieden nieuwe mogelijkheden om contacten op te bouwen.

Eva Vörös uit Roemenië wijst op een andere ontwikkeling. Dat is de dynamiek van de betrekkingen tussen oost en west. Het begin – zeker in de tijd kort na de omwentelingen van 1989 – stond sterk in het teken van ontmoetingen en van het leren door het oosten van het westen. Maar Eva heeft ook het gevoel dat de westerse landen niet willen leren van de landen in midden en oost Europa, niet alleen op economisch, maar ook op theologisch gebied. Het willen beleren van anderen komt bevoogdend over. Men wil mij leren hoe te geloven. Het woord imperialisme valt zelfs. Het gaat om de mentaliteit in de verhouding oost-west die aan het veranderen is. Hoewel hier bij de aanwezigen verschillend over wordt gedacht, zijn we het erover eens dat deze dynamiek in de relatie tussen oost en west die verschillende kanten op kan gaan, heel belangrijk is.

Er wordt nog iets anders genoemd. Denk ook aan de eigen afgoden die je maakt – naar analogie van het gouden kalf. Die kunnen ook bestaan uit je eigen traditie, de gedachten waarbij jij je prettig voelt, de geborgenheden.

2. Hoe denkt men over het investeren in de contacten?

Ida spreekt over het belang van deze contacten en hoopt ze prive zeker te behouden. Maar ze wil niet meer de verantwoordelijkheid voor de organisatie van een conferentie op zich nemen. Dan Zarsky vertelt over de eerdere twee conferenties in Tsjechië, over contacten met de USA en met de Oekraïne. Ook daar zijn gemeenschappelijke contacten tussen oost en west. De vraag is dan natuurlijk hoe je daarbij mensen uit je eigen land kunt betrekken.

Er wordt verwezen naar contacten met Barnabas Balogh over een oecumenische groep uit Debrecen. Men weet niet precies of daar nog ideeën leven voor het verdere contact en de oecumenische uitwisseling. Szilard Haris wil graag aan Barnabas vragen naar de mogelijkheden voor verder contact. Men ziet wel heel duidelijk – dat wordt heel breed gedeeld – dat er concrete contacten en fysieke ontmoetingen moeten zijn. Zonder dat werkt het niet. Alleen via een schriftelijke weg of via facebook of op een andere digitale manier contact onderhouden, gaat niet werken.

We moeten ook niet alles alleen maar van onze overwegingen laten afhangen. Wat vraagt God aan ons om het weefwerk met elkaar te maken. Wij kunnen niet de toekomst bepalen. We zijn het er over eens dat we op dit soort bijeenkomsten moeten leren.

Eva geeft aan dat zij het belangrijk vindt om iets van een lokale smaak te proeven. Waar is men in een concrete situatie mee bezig. Het gaat om het zorgvuldig luisteren naar de lokale vraagstukken. Leren van de plaatselijke situatie vinden we allemaal heel belangrijk. Even komt het gevoel naar voren dat we nu iets begraven dat nog leeft.

3. Ideeën over een volgend contact

Eva noemt de mogelijkheid van een bijeenkomst in de Oekraïne. Zij heeft daar zelf geen contacten. Maar ook daar zit een Hongaars sprekende protestantse minderheid. Van de lokale spiritualiteit valt veel te leren. Bredere contacten zouden een sterk positief effect kunnen hebben, op de locale gemeenschappen zowel daar als in de andere landen.

Zoltan Ferenczi vertelt dat hij 20 keer in Oekraïne was. Hij vertelt ook dat er daar een verlangen is om anderen te ontmoeten. Het kan interessant zijn. Vanuit zijn gemeente in Boedapest zou contact te maken zijn met Oekraïne. Hij kent ook Duitse contacten met Oekraïne vanuit een gemeenschap in Tübingen. Ook Szilard heeft enige contacten in de sub-Karpatische regio.

Vanuit de Nederlandse deelnemers wordt aangegeven dat zij kunnen participeren in de contacten. Het kan dan een meer internationale kleur geven. De Nederlandse deelnemers wijzen er ook op dat het oecumenisch aspect heel belangrijk is. Het gaat om de ontmoeting van gelovigen van verschillende kerkgenootschappen, katholiek, protestant, enz.

Zoltan wil verder informeren over de mogelijkheden in Oekraïne.

Een andere mogelijkheid die genoemd wordt is de Bond van Christelijke intellectuelen. Verdere informatie over deze organisatie ontbreekt, maar misschien weet Barnabas er meer van. We zien wel perspectieven in een dergelijke samenwerking met een grotere organisatie. Ook dat is een mogelijkheid. Als onze groep nu te klein is geworden om zelf wat te organiseren, zou je verbinding kunnen zoeken met andere groepen.

4. De ontmoeting in steekwoorden

Henrieta Ibos vraagt aan iedereen om in één woord te benoemen wat men belangrijk vindt in het internationale contact.

Genoemd wordt:
Vanuit verschillende landen, internationaal
Oecumenisch
Nieuwe/andere mensen ontmoeten
Leren van elkaar
De lokale situatie proeven
Kerken
Vriendschapsbanden
Gedachtenwisseling
Familie klein en groot. We maken deel uit van verschillende grote en kleine cirkels 

Wij sluiten af met Psalm 121, een pelgrimslied.

Samenvattend

Concrete contacten en fysieke ontmoetingen zijn nodig voor het onderhouden van contacten tussen kerken en christenen in west en midden Europa. Arnhem is niet langer in staat deze oecumenische conferenties te organiseren. Hongarije probeert nieuwe initiatieven te ontwikkelen, gericht op kerken in Hongarije en kerken van de Hongaarse minderheden in de omringende landen inclusief Oekraïne. De Arnhemmers pleiten er voor ook andere kerken in de genoemde gebieden hierbij te betrekken (oecumene) en daarnaast ook andere landen hiervoor uit te nodigen.

Copyright © 2019, RvkArnhem